
2001 Haarlem Evangelisch Lutherse kerk
Het orgel in de te Haarlem is in 1882 gebouwd door Julius Alexander Strobel uit het Duitse Frankenhausen.
Dankzij de bemoeienis van zijn vriend, de uit Duitsland afkomstige Haarlemse
muziekleraar Wilhelm H.C. Schmölling (1828-1908), heeft Strobel drie orgels
in Haarlem geplaatst, waarvan het instrument in de Lutherse kerk het enige is
dat nog resteert.
Strobel trachtte de orgelbouw te vereenvoudigen. Bij zijn instrumenten treffen
we dan ook constructies aan die elders nauwelijks voorkomen. Zo richtte hij
de laden veelal chromatisch in, plaatste de laagste registers achteraan en de
hoogste vooraan en ontbreken wellenboren grotendeels. De speelmechaniek is uitwaaierend
aangebracht.
Hoewel het orgel nog maar iets ouder is dan een eeuw, heeft het toch al een
roerige geschiedenis.
Vlak na de oplevering van het instrument werd het kerkgebouw van een nieuwe
voorgevel voorzien.
Als gevolg hiervan moest het orgel al in 1895 door Gabry
schoongemaakt worden.
In 1902 vond en herstelling plats door Michaël Maarschalkerweerd
(1838-1915). Hij voorzag de meeste registers van een nieuwe C-pijp en verving
de voor Strobel kenmerkende steminrichting met stemklepjes, door expressions.
In 1924 verving de Haarlemse orgelmaker Karel Pieter van Ingen (1888-1968) de
Bazuin 16' door een Baryton 8'. Vermoedelijk heeft het oorspronkelijke 16' tongwerk
door sterke verkropping maar matig voldaan.
Tussen 1942 en 1948 werd het instrument
door Pels omgebouwd tot een drie-klaviers orgel met elektrische tractuur.
In
de jaren zeventig vielen fasegewijs delen van het orgel uit en werd een hulporgel
aangeschaft.
Pas in 1996, na bijna 20 jaar zwijgen, werden de plannen om tot herstel te komen
opgepakt.
Dr. Van Nieuwkoop werd als adviseur aangetrokken. In 1998 kreeg Orgelmakerij
Steendam de opdracht om het instrument te reconstrueren. Bij de reconstructie
kon gebruik gemaakt worden van Strobel-materiaal (1874/1882) dat nog aanwezig
was in het orgel van de Haarlemse Bakenesserkerk. De verdere ontbrekende stemmen
werden door Steendam gereconstrueerd aan de hand van Strobel-orgels in Schernberg
en Toba.
De kerkelijke ingebruikneming vond plaats op 1 april 2001. De presentatie voor
publiek was op 30 juni 2001.
Over dit orgel is een informatieve brochure verschenen
van de hand van Jaap Brouwer, Alice Nederkoorn-Cupido en Arjen Luteijn. Deze
brochure is verkrijgbaar bij Orgelmakerij Steendam.
De restauratie van dit orgel heeft nog een tweede publicatie opgeleverd: medio
augustus 2002 verschijnt van de hand van Jaap Brouwer bij Pape Verlag in Berlijn
een (Duitstalig) boek over de orgelmaker Strobel en zijn werk. Ook deze uitgave
is t.z.t. bij Orgelmakerij Steendam verkrijgbaar.
Huidige Dispositie
| Hoofdwerk | Bovenmanuaal | Pedaal | |||
| Bordun | 16' | Geigenprincipal | 8' | Subbass | 16' |
| Principal | 8' | Vox Celesta | 8' | Violon | 8' |
| Hohlfloete | 8' | Harm.floete | 8' | Principalbas | 8' |
| Gedackt | 8' | Fugara | 4' | Octave | 4' |
| Gambe | 8' | Zartfloete | 4' | Posaune | 16 |
| Octave | 4' | Spitsfloete | 2' | ||
| Quinte | 2 2/3' | ||||
| Octave | 2' | ||||
| Mixtur | 5 st. | ||||
| Cornett | 4 st. | ||||
|
Manual Coppel, Pedal Coppel |
|||||


Email: info@orgelbouwsteendam.nl